Financiering

Rentepositie

Rentepositie

4 Rentepositie

4a Rentetypische afloop (renteherzieningsdata) van financieringen en beleggingen

Gedurende de looptijd van de langlopende leningen en beleggingen ligt het rentepercentage vast. De gemeente kan in de toekomst niet geconfronteerd worden met onverwachte rentestijgingen of rentedalingen bij deze leningen.

4b Derivaten

Op basis van de langlopende portefeuilles blijkt dat de gemeente in 2031 een financieringsbehoefte heeft van circa € 810 mln.. Daarom heeft de gemeente in 2011 bij de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) twee derivaten afgesloten met een gezamenlijke nominale waarde van € 150 mln. en een vaste rente van 3,20 procent voor aanvullende financiering tussen 2031 en 2061.

Effectiviteit derivaten
Een derivaat is effectief als de verwachte benodigde aanvullende financiering hoger is dan de nominale waarde van het afgesloten derivaat. De verwachte financieringsbehoefte tussen 2031 en 2061 is hoger dan de nominale waarde van het afgesloten derivaat. Dat betekent dat de derivaten effectief zijn.

Bijstortverplichting (waarborgsom of collateral)
De twee afgesloten derivaten hebben een bijstortverplichting. Bij faillissement van één van de partijen (gemeente of BNG) valt de bijstortverplichting tussentijds vrij, zodat de andere partij de derivaten zonder verlies kan afwikkelen. Maandelijks wordt het verschil tussen de actuele marktwaarde van de derivatencontracten (dat is de waarde op enig moment en fluctueert met de rentestand) en de contractuele waarde als tijdelijke waarborgsom op een aparte bankrekening gestort. De hoogte van de waarborgsom is afhankelijk van de hoogte van de lange rente aan het eind van iedere maand. Per 31 december 2018 heeft de gemeente een waarborgsom aan de BNG overgemaakt van € 51,5 mln. (31 december 2017 € 42,8 mln.).  Gemiddeld bedroeg de gestorte waarborgsom over 2018 € 44,4 mln. (2017 € 44,5 mln.).
In geval van verkoop of ineffectiviteit van de derivaten leidt dit bedrag tot een exploitatieresultaat. Over het gestorte bedrag ontvangt de gemeente de 1-maands euriborrente van de BNG. Vanaf april 2015 is de 1-maands euriborrente negatief waardoor de gemeente rente moet betalen over het gestorte bedrag.